De afgelopen maanden is op verschillende zandpercelen in Nederland grasland afgestorven. De oppervlakte varieerde van grote plekken tot enkele hectares. Uit onderzoek van Praktijkonderzoek Plant & Omgeving van Wageningen UR (PPO-AGV) bleek dat de schade werd veroorzaakt door larven van een snuitkever.
Foto: Yu Tong Qiu
Soms werden meer dan 1000 larven per m2 aangetroffen, aan de randen van de dode stukken grasland zaten de meeste larven. Blijkbaar verspreiden de larven zich vanuit de plek waar de eitjes zijn afgezet naar buiten toe. De larven zijn zeer lastig te identificeren op soort. Zodra ze zijn verpopt en de snuitkever verschijnt kan de soort worden vastgesteld. Vraatschade is zichtbaar in de stengel dichtbij de wortel waarbij de larve de stengel kapot bijt. Larven van snuitkevers komen wel vaker in gras voor in landen zoals de VS. Maar het is in Nederland de eerste keer dat een dergelijk schadebeeld door snuitkeverlarven in grasland wordt veroorzaakt. De schade is zo groot dat herinzaai of doorzaaien nodig is. Omploegen voor een andere gewas als mais kan mogelijk het probleem verminderen. Vervolgonderzoek moet uitwijzen of er in volggewassen ook schade gaat optreden.
Voor een update met een uitgebreider achtergrondartikel klik hier voor de PDF.