Vanaf 2006 wordt Minas vervangen door Gebruiksnormen. In het onderzoek is gekeken naar de effecten op de bedrijfsvoering voor met name de stikstof- en fosfaatvoorziening, de kosten en de bodemvruchtbaarheid.
Er zijn op een aantal modelbedrijven proeven uitgevoerd met een aantal scenarios met de gebruiksnormen van 2006, 2007 en 2009. Er is volgens advies bemest met varkensdrijfmest, op zand in het voorjaar en op klei in het najaar.
Effecten op de bedrijfsvoering
Stikstof, zand
Landbouwkundig N-aanbod is groter dan het wettelijk N-aanbod door de N-werkingscoëfficiënt van varkensdrijfmest (>60%), de N-nalevering van gewasresten en de toepassing van geleide bemestingssystemen.
Door deze extra N kunnen aanscherpingen van de gebruiksnorm worden opgevangen tegen relatief geringe kosten. Er zijn echter ook situaties denkbaar dat deze ‘winst’ slechts deels of helemaal niet wordt behaald. Dit leidt tot opbrengstderving en tot sterke daling van financieel resultaat.
Stikstof, klei
Belangrijk aandachtspunt is de ontmoediging van de herfsttoediening van drijfmest. De wettelijk N-werkingscoëfficiënt wordt verhoogd: 30% in 2006, 40% in 2007, 50% in 2008 en 60% in 2009.
Resultaten van eerste verkenningen:
Bij verhoging van de wettelijke N-werkingscoëfficiënt tot 30% kan ook bij de herfsttoediening nog volgens advies worden bemest, indien:
- Mest tijdig (vóór 1 september) wordt toegediend
- Mesttoediening wordt gecombineerd met een geslaagde groenbemester
Vanaf 2007 leidt herfsttoediening tot opbrengstderving door een tekort aan werkzame N.
Oplossingen:
- Andere, vaste mestsoorten bij herfsttoediening
- Voorjaarstoediening drijfmest
Fosfaat
- Op bedrijven met een hoog aandeel P-behoeftige gewassen neemt bij een lagere fosfaatoestand het risico van opbrengstderving toe.
- Krappere organische-stofvoorziening